|
Wordt aan
gewerkt: nieuwe stamboompagina! |
|
Louis Renault:
zijn leven en werk |
Louis Renault
werd op 12 februari 1877 geboren als vierde van de zes kinderen van
Alfred en Berthe Renault. Zijn vader voorzag in het levensonderhoud
van het gezin middels de productie en verkoop van linnengoed en
knopen. Louis ontwikkelt al snel een voorkeur voor techniek. In 1888,
net elf jaar oud, heeft de jonge Louis al elektrisch licht op zijn
kamer! Hij bedacht een systeem met kabels, tinplaten van een accu en
een zuurbad om stroom op te kunnen wekken. Maar de jonge Louis Renault
verzet zich in alles tegen zijn bestemming in het leven. Sterker nog;
hij heeft een hekel aan het aardse bestaan en is mensenschuw. Alleen
zijn grote liefde en hartstocht voor machines kunnen hem motiveren.
Alleen met de handen in het smeervet is het leven dragelijk voor hem.
Zijn opvoeding loopt niet echt volgens de bedoeling van zijn ouders
Alfred en Berthe. Uiteindelijk moesten ze erkennen dat hij veel
voordeel heeft gehad van het spijbelen op school! Alleen al het feit
dat hij op zijn elfde een accu maakte, maar ook dat hij zich op zijn
twaalfde verstopte in een kolentender van de stoomtrein Parijs–Rouen
om te ontdekken hoe een stoomlocomotief werkt!
|

Het schuurtje van Billancourt!Het
staat er nog; de laatste stille getuige van waaruit in 1898 alles is
begonnen, waar de kiemen liggen van de vierde grootste autofabrikant
van de wereld. Louis Renault wist toen nog niet welke gigantische
industriële grootmacht hij zou grondvesten vanuit dit schuurtje.
|
|

Louis
Renault in werkplaats. Deze foto stamt is van rond 1900
|
Hij is pas net 13 als hij bij Leon Serpollet aan het stuur van een
stoomwagentje de vuurdoop krijgt. De oude Serpollet kan de
nieuwsgierige jonge Renault niet weerstaan! Een jaar later bedelt
Louis Renault net zo lang bij zijn vader tot hij hem een oude Panhard
motor koopt. Urenlang knutselt hij in het schuurtje achter het
landhuis in Billancourt aan het oude motorblok.Aan “Place de Victoires”
hoopt men dat de militaire dienst de verstokte, leerluie dwarsligger
zal leren het uitvinden te vergeten. Maar alle hoop is tevergeefs! Hij
spaart zijn soldij op om, bij toeval, een “De Dion-Bouton” 3/4pk
motorblokje te kopen. Op zijn 21ste neemt hij 2 mensen in
dienst en werkt onvermoeibaar door om zijn “De Dion” om te bouwen. Hij
vervangt de versnellingsbak door ZIJN uitvinding van een directe
aandrijving (“Prise-direct”), een aandrijving met directe schakeling.
|
Op een novemberavond in het jaar 1898 onderneemt Louis
Renault zijn eerste plezierritje met een door hem aangepast vierwielig
motorvoertuig onder de platanen van Boulogne-Billancourt. Hij draag
hierbij zijn pak en hoed. Zijn gevoelige handen en de door het
smeervet aangevreten vingernagels verstopt hij in witte handschoenen.
Hij brengt zijn prototype op een voor die tijd ongelooflijke snelheid
van bijna 50 km/h. Parijs, 24 december 1898. Terwijl Parijs volledig
in kerstsfeer is, kunnen de verbaasde voorbijgangers aan het Montmartre de tweede testrit van zijn prototype bewonderen. Het kleine
wagentje neemt de indrukwekkende helling op de “Rue Lepic” langzaam
maar standvastig. Op kerstavond al krijgt Louis Renault opdrachten
voor de bouw van 12 type A genaamde voertuigjes. De geboorte van het
Renault concern is een feit!
|

Louis Renault tijdens een rit met het type A. De foto komt
waarschijnlijk uit 1898.
|
|

Een foto uit de schijnbare gelukkige tijd. Maar schijn bedriegt want
het echtpaar is sinds lange tijd uit elkaar gegroeid. Zoon Jean Louis
zal het erfgoed van zijn vader stukje bij beetje in vreemde handen
zien overgaan. Deels veroorzaakt door de oorlog ’40-’45, maar ook
vanwege enkele zakelijke misstappen en zijn hoge levensstandaard.
|
Echter, Louis Renault moet ook veel geduld hebben. Technische
problemen blijven hem achtervolgen, maar hij geeft niet op tot hij een
oplossing heeft en zet onverstoorbaar zijn eigen wil door. Zelfs
tijdens de grote stakingen van 1912 en 1913 laat hij zich niet
ompraten. En zo is Louis Renault ook in privé omstandigheden. In 1918
trouwt hij met Christiane, de dochter van een Parijse notaris die
echter uit een totaal andere wereld komt. Ze houdt van kunst, theater,
muziek en literatuur, dingen die haar echtgenoot wereldvreemd zijn.
Gezamenlijke vrienden zijn er niet en beiden hebben ze verschillende
affaires, iets wat hun nog verder uit elkaar drijft. Hun huwelijk
brengt wel een zoon voort: Jean Louis Renault.
De familieman Louis Renault bestaat amper. Voor hem telt alleen zijn
levenswerk; het bedrijf waar hij dag en nacht mee bezig is. Zijn
personeel beziet zijn enorme uithoudingsvermogen met angst en respect.
Regelmatig werkt hij nachtenlang door om oplossingen te vinden.
|
Een van de vele anekdotes over Louis Renault beschrijft het volgende
voorval: Tijdens een van zijn nachtelijke dolingen door de fabriek
overvalt Louis Renault een werknemer die tijdens de nachtdienst in
slaap gevallen is. Als hij vraagt naar het waarom antwoordt de
slaapdronken medewerker, die zijn baas niet herkent: “Ik zit hier mijn
tijd uit!” De volgende ochtend zou Louis Renault voor de hele afdeling
een korting van 10% op het loon geëist hebben. In de jaren ’30 vraagt
men aan Renault waarom hij zonder onderbreking, zonder vrije tijd of
vakantie als een bezetene werkt. Zijn antwoord is simpel: “Ja, wat wil
je? Ik kan mijn werknemers toch niet alleen laten!”
In 1898, Louis is dan 21, ontwikkelt hij zijn directe aandrijving en
de cardanas. Deze uitvindingen vormen de basis voor het wereldconcern.
Renault voorziet de “De Dion 3-wieler” van een vierde wiel, een
speciaal frame en een nieuwe krachtoverbrenging zonder de voorheen
gebruikelijke riemen en kettingen, waardoor de hoogste versnelling
direct beschikbaar is. Ook de secundaire aandrijving geschiedt via een
starre as, of te wel de cardanas! Deze uitvinding gaat als eerste
“aandrijving zonder ketting” de automobiel geschiedenis in! Een
geniale uitvinding waarvan de licentie-inkomsten de zelfstandigheid
van het jonge bedrijf zekerstellen. Daar komt nog bij dat Louis
Renault autodidact is, hij heeft nooit een ingenieursschool of iets
dergelijks gevolgd. Regelmatig uit hij zijn twijfels over de elite
hogescholen in Frankrijk, inclusief haar ingenieurs. Ondanks zijn
grote talent zal hij nooit een opleiding tot ingenieur voltooien.
Theorie boeit hem niet. Hij is een man van de praktijk en het
toelatingsexamen voor de “Ecole Centrale” haalt hij niet. Nadat hij in
1897 als 20 jarige een stoomgenerator bouwt neemt de licentienemer van
het patent, Delaunay-Belleville, hem toch aan als constructie
tekenaar. Dankzij dit werk haalt Louis Renault toch nog een
vakdiploma.
|

Een van de door Louis Renault gemaakte schetsen van zijn “Directe
aandrijving zonder ketting” met door hemzelf geschreven notities.

De
fabriek van Renault Frères
|
|

Renaults eerste autorace |
Louis Renault is een man van de techniek. Hij wijst elke verkoper de
deur. Dankzij zijn koppigheid lukt het hem telkens weer te winnen in
doorslaggevende situaties, iets wat vandaag de dag nog als voorbeeld
zou kunnen dienen voor een geslaagde marketing strategie!
Al snel heeft Louis Renault een neus voor de markt. In 1905 brengt hij
het tot massaproducent na het binnenhalen van een order van maar
liefst 250 voertuigen voor een Frans taxibedrijf. Van
massamotorisering was nog geen sprake en de taxibedrijven waren met
een grote vloot de grootste afzetmarkt voor autoproducenten. Louis
Renault had dat al snel in de gaten! Niet alleen in Parijs maar ook
in andere grote Europese steden zoals Londen, Berlijn en Kopenhagen
bepaalden Renault taxi’s het straatbeeld. En niet alleen dat, want
vanaf 1914 worden de Renault taxi’s wereldberoemd! Bij het begin van
de eerste wereldoorlog worden 1200 Parijse taxi’s in beslag genomen
door de overheid, op een enkeling uitgezonderd na allemaal van het
type AG, om 6500 soldaten naar het front aan de Marne te brengen. En
zo gaat de Renault type AG de geschiedenis in als “Taxi de la Marne”,
ofwel de Marne taxi.
|
|

De
Marnetaxi, RENAULT Type AG |
In beslag name van de Parijse taxis door de autoriteiten |
|

De
RENAULT „Marne-Taxis“ brengen de Soldaten naar het front |
Louis Renault gaat het
ook na de eerste wereldoorlog voor de wind. Heel bewust kiest hij
voor een breed modellenprogramma. Toentertijd was zijn imperium een
van de grootste van Europa, zo niet dè grootste! In de jaren twintig
blijkt dan ook dat deze strategie de juiste is. De economische
crisis laat alleen hen overleven die een uitgebalanceerd type
programma hebben, beschikken over een stevige financiële bodem en
over het juiste inschattingsvermogen inzake de ontwikkelingen in de
markt. Louis Renault heeft alles goed voor elkaar! Meteen na de
grote oorlog waagt Renault de stap naar de luxeklasse. Geheel
onverwachts verovert hij de markt van de “rijken en mooie”. Allemaal
te danken aan de nieuwe Renault 40CV met een kolossale 9,1 liter
motor. En Renault blijft trouw aan deze serie. Ook de opvolger Reinastella is een machtige auto, maar dat geldt ook voor de Suprastella, Nervastella en Viva Grand Sport deze modellen zorgen
voor een vast marktaandeel in het luxe segment. Maar ook de auto’s
voor het volk worden zeker niet verwaarloosd door Renault. Renault
levert alles van wendbare taxi’s en middelklasse modellen tot en met
de meest luxueuze limousines van het “palais-Elysée”.
Echter deze
ontwikkeling is niet alleen voor het concern belangrijk. Ook voor
Louis Renault persoonlijk is het een bevestiging voor hem als
technicus en constructeur. Renault heeft de automobielindustrie vele
dingen gegeven. Vooral inzake veiligheid heeft Renault enkele
uitvindingen gedaan, o.a. een voorloper van veiligheidsgordels en trommelremmen-behuizing. Ook de inschroefbare bougie is een patent
van Louis Renault!
|

LOUIS
RENAULT in 1919 |
|

FT-tanks voor de 1e
en 2e wereldoorlog

1938 |
Louis Renault is
rusteloos en erg fanatiek bezig met het doorvoeren van vernieuwingen
in de fabrieken om nog efficiënter te werken. Al in 1919 begint, met
de introductie van de kleine 10CV, de eerste lopende band productie
buiten de USA. Maar buiten dat lijkt de 10CV wel erg veel
overeenkomsten te hebben met de T-Ford. Louis Renault was namelijk
van te voren al afgereisd naar de USA om daar de fabrieken van Henry
Ford te bezichtigen. Louis Renault was diep onder de indruk! De
industriële grootmacht Renault had maar één principe, en dat was
onafhankelijkheid! Zowel in industrieel als in materieel opzicht. Er
wordt zelfs beweerd dat Renault al in 1918 tegenover zijn vaste
personeel zei: “De eerste die hier over geld begint, wordt op
staande voet ontslagen!” Hij kon het zich schijnbaar veroorloven!
Zijn patent op de “Prise-direct” vormde de basis van zijn
onafhankelijkheid. Hier op voortbordurend ontstond een goede
modellen strategie en een zowel tactische als vooruitziende
zakenstrategie. Renault laat in zijn fabrieken alles produceren wat
nodig is. Zowel zijn stroombehoefte als het staal produceert hij
zelf. Van putdeksels tot het kantine bestek! Daarbij ontziet hij
niets of niemand van alle machtige en groten uit Frankrijk. Precies
volgens het rijtje weigert Louis Renault in 1935 de banden bij
Michelin te halen. Michelin heeft al in de jaren ’30 meer en meer
aandeel in Citroën verkregen, een van de grootste concurrenten van
Renault. Louis Renault is nou eenmaal een eigenzinnig persoon. Hij
wil niet langer afhankelijk zijn van leveranciers die hem prijzen en
regels dicteren die niet in zijn profiel passen.
|
1938. Louis Renault bevindt zich
op het hoogtepunt van zijn succes. Alles lijkt helemaal voor elkaar
te zijn. Bij Renault, in Frankrijk en in de wereld! Maar het onheil
is niet tegen te houden. Gedurende het uitbreken van de 2e
wereldoorlog is Louis Renault opnieuw op bezoek bij Henry Ford in
Amerika. Als hij daarvan terugkeert treft Louis Renault zijn fabriek
aan in handen van de Nazi’s. Het Duitse leger had zogezegd in een
mum van tijd Frankrijk bezet. Het eerst werden diverse grote
industriële bedrijven bezet. De fabriek van Renault werd
overgenomen. Mensen van Mercedes-Benz waken over de gang van zaken
in Billancourt. Louis Renault staat voor de zwaarste en meest
ingrijpende beslissingen ooit. Elke vorm van tegenstand had de
onmiddellijke afbraak van zijn fabrieken betekend. En dus besluit
Louis Renault dan maar het beste ervan te maken. Hij volgt alle
bevelen op van de Gestapo, die hem kortstondig in hechtenis namen,
en hem duidelijk maakten hun van zijn volledige medewerking te
overtuigen. De Nazi’s hebben een makkie aan Louis Renault want hij
ziet zijn levenswerk in groot gevaar verkeren en duizenden
werknemers werkloos worden. Ergens zal het ooit wel weer normaal
verder gaan hoopt hij. Hij geeft toe. Hij geeft toe aan alles wat
hem wordt opgelegd. Elke productie van eigen auto’s is absoluut
verboden. Alleen 2 vrachtwagen productielijnen mogen worden gebruikt
voor het vervaardigen van voertuigen voor het Duitse leger. Verder
mogen er alleen reparaties aan de militaire voertuigen van het
Duitse leger worden gedaan.
Hiermee is de fabriek
van Renault een strategisch oorlogsobject voor de Duitsers en
daardoor meteen ook een doelwit voor de geallieerde luchtmachten. In
1942 vinden de eerste aanvallen op de fabrieken plaats. Ondanks dat
Louis Renault zich had overgegeven aan de Duitsers werd er, ondanks
het absolute verbod, in het diepste geheim aan 2 prototypes gewerkt.
Maar de nu ontstane mentale druk was erg belastend voor Louis
Renault. Het in het geheim begonnen project 11CV, waar later de Frégate uit ontstond, word helemaal gestopt en het 4CV project word
niet van ganser harte voortgezet. Louis Renault hamert er op dat de
levertijden aan het Duitse leger nageleefd worden. In maart,
september en december 1943 worden de fabrieken opnieuw gebombardeerd
en aanzienlijk beschadigd. Oog-getuigen vertelden hoe Louis Renault
volledig van de kaart door de vernielde fabriekshallen liep. De
fabrieken, ZIJN fabrieken, waren verwoest. Louis Renault zou zijn
verstand verliezen.
|

Na het
bombardement in 1942

Project 4cv |
|

Eerste na-oorlogs studie model, de 4cv
|
Was dat dan het einde?
In februari 1944 werd
Louis Renault ernstig ziek. Hij kan amper nog praten, al zwijgend
zijn schetsen en tekeningen makend. Renaults droom was het om
buitenaf te wonen en apparaten te ontwerpen en nieuwe machines uit
te vinden, maar zou deze slag nooit meer te boven komen. Op 28
augustus werd Louis Renault voor het laatst in het openbaar gezien.
Hij was toen bij de begrafenis van een ingenieur die door de zware
bombardementen om het leven kwam. Op 23 september geeft Louis
Renault zich aan bij de autoriteiten, dit op aanraden van een
bevriende advocaat. Men verwijt hem collaboratie met de Duitse
bezetters, want Renault had er alles aan gedaan zijn levenswerk te
sparen en zijn medewerkers van werk te voorzien en dus alle
medewerking verleend aan de Duitsers. Maar de geallieerden zagen dat
toch anders. Ook Frankrijk keert Louis Renault de rug toe. Enkele
dagen voor zijn arrestatie kopte een grote krant: “Renault nog
altijd op vrije voeten, maar hoe lang nog?”
|
Op 24 oktober 1944
sterft Louis Renault.
Onder welke
omstandigheden is tot op de dag van vandaag nog steeds een raadsel.
Of de oorzaak nou zijn ziekte was of dat het door mishandeling en
foltering gedurende zijn gevangenschap kwam, of een vergiftiging wat
ook lange tijd gezegd werd, zal vooraltijd in het ongewis blijven.
Een ding is zeker, op
24 oktober 1944 verloor Frankrijk een van zijn grootste mensen allertijden. Renault was toen de grootste werkgever van het land en
tot in lengte van jaren gold het volgende: wanneer Renault nieste,
kreeg heel Frankrijk de griep, of wel het was duidelijk hoeveel
impact Louis Renault had op Frankrijk. Een ding zou Louis Renault
nog een troost hebben kunnen bieden; zijn levenswerk was niet ten
einde, zijn bedrijf werd genationaliseerd en groeide in alle
volgende jaren verder na zijn dood. Maar dat is een nieuw hoofdstuk,
het hoofdstuk van de
“Régie
Nationale des Usines RENAULT”!
|
 |
|
|
|
|

De
fabriekspoort van de Firma “RENAULT Frères”. De foto komt uit 1906.

Marcel, Louis en
Ferdinand Renault, de "Renault Frères" |
De rest van de tekst volgt! |
|
|

|
|

Renault FT-17 tank

Farman mf-7 mf11 Renault 1910 |
|
|

Een
RENAULT dealer in Tokyo. Foto komt uit 1910. |
|

Marcel Renault |

Ferdinand Renault |
|
|
|
|

|
|
|
|
De Régie
|
|
Pierre Lefaucheux |
|
|

Lefaucheux bij zijn eerste nieuwe produkt: De RENAULT 4CV

De Renault 4cv zo uit
de fabriek klaar voor de klanten |
|

Renault op de
Parijse autotentoonstelling in 1946

Fabrikage van de 4cv en de Juvaquatre Dauphinoise |
|
|
|

Renault AHS 1940

Renault R35 tank |
|

Renault 4cv "Mot de buerre" (boterklomp)

Project 108

Renault Frégate |
|
|
|

|
|
|

PIERRE
LEFAUCHEUX
*
30.06.1898 +
11.02.1955 |
|

De auto
waarin Lefaucheux in verongelukte. |
|
|
Pierre Dreyfus |
|
|

Pierre Dreyfus |
|

Saviem JL 25, 1957

De Floride, die
later geheel volgens de scheepvaarts terminologie Caravelle zal gaan
heten.
|
|
|
|

Pierre Dreyfus |
|

De Dauphines staan
klaar om naar de USA verscheept te worden. |
|
|
|

Renault Dauphine
Ondine Alfa Romeo

De
Renault 10, de luxueuze variant van de R8. Zijn debuut sneeuwde
volledig onder langs de legendarische R16.
|
|

|
|
|

R16 onderweg naar
de Renault dealers

Dacia
1300 1970 |
|
|
|

PIERRE
DREYFUS
*18.11.1907 +1994 |
|
Bernard Vernier-Palliez
|
 |
|
|
|

Berliet TR350 1978

PRV
V6 Motor |
|

BERNARD
VERNIER-PALLIEZ
*1918
+18.12.1999 |
|
|
Bernard Hanon |
|
|
|
|

LOUIS
RENAULT, PIERRE LEFAUCHEUX, PIERRE DREYFUS, BERNARD VERNIER-PALLIEZ,
BERNARD HANON, GEORGES BESSE, RAYMOND LEVY und LOUIS SCHWEITZER!
|
|
Raymond Levy
|
 |
|
|
Louis Schweitzer |
|
|
 |
|
Carlos
Ghosn |
|

Carlos Ghosn

Nissan Primastar
 |
|
|
|

Renault 2008: Laguna GT
 |